Handhavingsbevoegdheid na eerdere gestaakte handhavingsacties
Bron: Raad van State d.d. 15-2-2012 (17 februari 2012)
In deze zaak had het college twee eerdere handhavingsprocedures (last onder dwangsom in 2003 en in 2005) gestaakt. In die procedures heeft het college zich niet langer verzet tegen het gebruik van een voormalige bedrijfswoning als burgerwoning.
Over de vraag of het bevoegd gezag later alsnog in redelijkheid tot handhavend optreden kan overgaan, is de Afdeling helder:
"[het voorgaande, red] betekent niet dat het college later niet alsnog handhavend kan optreden, bijvoorbeeld vanwege een ingediend verzoek om handhaving of verandering in de omvang van de overtreding. De situatie is ten opzichte van 2005 wezenlijk gewijzigd doordat het aantal woonappartementen is toegenomen. Daarnaast heeft het in het aangrenzende gebouw gevestigde bedrijf KBSM het college bij brief van 19 juni 2009 verzocht om handhavend op te treden.(...)'
Kortom, onder bepaalde omstandigheden mag een overtreder er -met een beroep op eerdere gestaakte handhavingsacties- rechtens niet op vertrouwen dat wederom van handhavend optreden zal worden afgezien. De handhavingsbevoegdheid is in die zin, mits die omstandigheden deugdelijk gemotiveerd worden, ruim.
